Raymond de Haan rijdt de Redbull Knockout

In mei 2006 begon Raymond de Haan met motorcrossen. Dat het een verslaving zou worden, had hij toen niet gedacht. Anderhalf jaar later stond hij aan de start van de Red Bull Knock Out. Benieuwd hoe het Raymond verging? 
(Foto: Jack Uges)
 
In november 2006 was ik met Xander Vriens als toeschouwer bij de eerste editie van de Red Bull Knock Out in Scheveningen. Het weer was guur: veel wind, regen en erg koud. Op weg naar huis zei ik tegen Xander: “Volgend jaar sta ik hier aan de start!”, waarop hij reageerde: “Dan ben ik er ook bij, als jouw monteur/benzinevuller.”

De dagen na die wedstrijd meldde ik mij bij mijn fysiotherapeut die ook (geblesseerde) mensen begeleid in een MedischTrainingsCentrum in Amersfoort. De week daarop had ik mijn eerste persoonlijke fitnessprogramma om serieus aan mijn conditie en kracht te werken. Dat hield in dat ik twee keer per week ongeveer in totaal vier uur aan het trainen was. Ik had een doel: het uitrijden van de tweede editie van de Red Bull Knock Out met mijn KTM 125cc motor.

Zelfs tijdens een werkbezoek aan HongKong trainde ik op de zestiende verdieping van ons hotel. Bij de lokale motorcrossbaan probeerde ik regelmatig zo veel mogelijk te trainen. Om meer ervaring op te doen, ben ik ook naar de banen in Ermelo, Berghem, Heerde en Arnhem gegaan.


Waanzinnig, om met 499 andere motoren van start te gaan! (Foto: flohagena.com / Red Bull Photofiles)

In juli ging de inschrijving voor de Scheveningse wedstrijd open en ik heb zo snel mogelijk gereageerd. Er was plaats voor 500 rijders. Daar moest ik nu absoluut bijzitten. Afgelopen oktober besloot ik na een goede trainingsmiddag dat ik het volgende weekend voor het eerst aan een clubwedstrijd in Amersfoort zou deelnemen. Ik wilde wel eens meemaken hoe zo’n start zou gaan. In dit geval met 20 motoren tegelijk. Het resultaat: Kwalificatieplaats zeventien (van 21 rijders), eerste race vijftiende, tweede dertiende race.

Daarna kreeg mijn motor voor de tweede keer een nieuwe zuiger. Dat werd gedaan door Peter Buitenhuis Racing. De week voor de grote wedstrijd moest ik hem nog minimaal een uurtje inrijden. Dat deed ik op een bouwterrein in Vathorst. Om daar te rijden was niet de bedoeling, want ik rijd met die motor alleen op crosscircuits. Maar het weer was die dag en de dagen ervoor zo slecht, dat alle officiële circuits gesloten waren.

Het weer kon mij niet slecht genoeg zijn. Toen het begon te stortregenen zette ik mijn helm op, om rondjes te maken. Ik wilde op alles voorbereid zijn, dus ook waterige omstandigheden. Het water stond in mijn laarzen, ging dwars door mijn (extra aangetrokken) jas heen en ik was tot op mijn ondergoed doorweekt. Maar de motor was ingereden. De dag daarna bracht ik de KTM alvast naar Buitenhuis Racing, omdat ik met Peter zou meerijden in zijn motortransportbus naar Scheveningen. Hij zou zelf ook meerijden.

Om ook iets voor mijn sponsors terug te doen, heb ik speciale stickers laten maken, met de sponsorlogo’s erop. Dacht ik even op te plakken, maar daar bleek ik toch twee uur mee bezig te zijn geweest. De donderdagavond voor de Red Bull Knock Out was ik in Rotterdam toen ik besloot om via Scheveningen naar huis te gaan. Ik wist niet wat ik zag! Het parcours was veel zwaarder als het voorgaande jaar…

Zaterdagavond nog bij Peter de motor voorzien van een schoon oliefilter, afgetankt en helemaal ingespoten met siliconenspray. Thuis de apart gehouden pasta klaargezet en alvast verse jus d’orange gemaakt. Daarna heb ik redelijk kunnen slapen. Op zondagochtend stond ik om 5.25 uur bij Peter voor de deur. Vanaf 06.00 uur ging rennerskwartier bij de Visafslag in de Scheveningse haven open. We hadden een goede plek tussen alle bussen, campers en vrachtwagens. Toen dacht ik even terug aan mijn eigen oude aanhangertje… Om 07.00u konden we ons startnummer en deelnemershesje ophalen.


Hoe is het mogelijk! Sta ik op de officiele redbull foto met startnummer 283 (Foto: flohagena.com / Red Bull Photofiles)

Daarna gingen we met een klein groepje het circuit verkennen. Er was zelfs een klaverblad gebouwd, die op twee manieren te berijden was. Aan de hoeveelheid bulten leek geen eind te komen. Bij de grote schansen was er altijd een ‘bypass’, een omweg om de schans te ontlopen. Behalve bij een, en daar heb ik toch wel even bij staan kijken hoe ik die zou gaan nemen. Sponsor Iwan was ook gearriveerd, omdat hij voor KTM ging werken die dag. “Gewoon het gas erop en eroverheen” was zijn reactie. (Was hij ook niet een motorrijder? En waarom deed hij dan niet mee?). Organisator en ontwerper van het circuit, Gerard Rond, kwam kijken op die plek en er ontstond meteen een kleine discussie tussen hem en mij. Ik had namelijk nog nooit zo’n grote sprong gemaakt met mijn motor en dat zou dus hier ineens moeten gebeuren. Terwijl ze in de aanloop van de wedstrijd zeiden dat de race voor amateurs en professionals toegankelijk zou zijn.

Om 09.00u belde Xander dat hij langs de boulevard fietste om terug naar de motor te gaan. Daar gaf ik hem het monteurshesje (met hetzelfde rugnummer als mijn nummer, 283). Vervolgens hebben we de motor voorzien van de officiële startnummers. Die bleven slecht plakken. Het team had al een aggregaat klaar staan, een speciale föhn werd gebruikt om het kunststof van de motor en de sticker te verwarmen. Om 10.00 uur was de verplichte briefing.

Daarna begonnen de spanningen bij mij ook zichtbaar te worden (of was dat de hele dag al zo?). Inmiddels duwden al vele coureurs hun motor voorbij op weg naar de pitlane. Daar waren een aantal vakken, en die waren op startnummer ingedeeld. Gelukkig stond ik aan de publiekskant zodat ik nog even met mijn fans kon spreken.

Toen kregen mijn vak het sein om de motor te starten en op te rijden naar het startveld. Mijn type motor (lichte cilinderinhoud) mocht vooraan staan bij de start. Gelukkig kon ik helemaal rechts staan, aan de boulevardkant. Het hield maar niet op met de herrie van al de andere motoren die een plekje in de rijen achter mij opzochten. Toen werd het 3 minuten bord getoond, dat was een superspannend moment. De motor liet ik weer warm draaien. 1 minuut te gaan. Oranje licht…. Het groene licht heb ik niet eens meer gezien, gas vol opengedraaid.

Geweldig, al die motoren de me voorbij kwamen, volgas richting de pier. Het complete startveld waaierde over het strand uit. Ik zat helemaal met mijn achterwerk op het spatbord, net achter het zadel, om zo plat mogelijk op de motor te liggen. “Kicken”, riep ik keihard in mijn helm. Onder de pier door ging ik rustig van het gas af om een vastloper te vermijden. In de eerste bocht zag ik al een enorme opstopping van motoren, dus ik stuurde er links langs en kon zo een heleboel plaatsen winnen. Op weg naar het einde van mijn allereerste ronde. Diverse motoren stonden rokend (overhit) stil, of de rijders stonden op na een val.

 
Missie volbracht! Yes! (Foto: Michiel Rijsberman)

Voor de race zei ik nog: “Eerst maar eens een rondje volhouden, en dan proberen in de tweede ronde een (verplichte) pitstop te maken. Xander, doe maar rustig aan met tanken, want ik vind het misschien niet zo erg om een half minuutje langer stil te staan om bij te komen. Of zou ik ieder rondje moeten stoppen om bij adem te komen?” Daar heb ik toch niet zoveel voorafgaand voor getraind? Rijden zul je!, dacht ik. Op weg naar de bovenkant van het klaverblad zag ik op de houten platen verschillende rijders onderuit gaan, omdat ze teveel gas gaven. Dus bovenaan van het gas af, naar beneden het gas erop en voor de tweede keer het rechte stuk op. “Kicken”. Heb toen even naar rechts gekeken en zag al die mensen op de boulevard. Aan het eind van de tweede ronde reed ik linksaf de pitstraat in.

De motor moest worden afgezet, dus dat werd duwen naar mijn eigen plek. “Doe het tanken maar wel snel, want ik ga dit eerste uur uitrijden, riep ik”. Hoe ver zijn we? “20 minuten nu”. Tijdens mijn tweede gedeelte ben ik een keer gevallen, omdat ik niet goed kon uitwijken voor een andere deelnemer die op de grond lag. De motor hield ik draaiend, dus ik kon zo snel mogelijk weer verder. Ik zat vol met adrenaline. Diverse rijders heb ik kunnen inhalen. De uiteindelijke winnaar Timotei Potisek uit Frankrijk, heb ik ook snel voorbij zien komen. Gaaf! Op het rechte stuk reed ik ook eens door een paar vochtige plekken heen. De achterkant van de motor ging van links naar rechts om grip te zoeken, een mooi gevoel. Met de finish in zicht zag ik de rijders voor mij gewoon onder de vlag door rijden. Emotieloos. Zelf stak ik voor de vlag mijn hand omhoog, en iets later stopte ik op de baan (hé joh, mafkees) om even met twee handen in de lucht te juichen. Toen de pitstraat weer ingereden, lopend naar mijn plek. Ik was echt enorm blij dat ik het eerste uur had uitgereden.

Ik hoopte dat ik door de eerste selectie zou komen. Van de 500 starters zouden de beste 200 doorgaan naar de volgende ronde, om daaruit van de laatste 50 een winnaar te krijgen. Conditioneel zou ik het kunnen, om drie kwartier later opnieuw te starten. Xander maakte mijn motor gereed, want ik zei hem dat hij rekening moest houden dat ik door zou zijn. Helaas, toch even een teleurstelling, ik was op de 268e plaats gefinisht. Dat gevoel was maar kort, want al met al was het een enorme belevenis! Toen we terugliepen naar de bus, werden we door het KTM-media team aangehouden en geïnterviewd. Mijn reactie vlak na het einde van de wedstrijd is te zien op: www.ktmnewsclutch.nl, aanmelden (pagina’s laden duurt even) en op pagina 10 kijken.

Raymond de Haan
Startnummer 283
www.haanfoto.nl

Bron: Moto73

No Comments

Geef een reactie